Opening project
Het hulpje van de professor. Ik ben het hulpje van de professor. Wij stappen in een timemachine. Wij gaan terug naar de dino’s. ook gaan we misschien naar de stoomtrein tijd. Tim is de professor. Ik ga de timemachine uitproberen. Waar zal ik dan naar toe reizen? Ik kan naar de Vikingtijd, dat wordt cool. Nu weet ik niks meer. Wij stapten uit en wat zagen we… een kasteel! Wij zijn in de riddertijd. De poort ging open. Wij mogen naar binnen. De professor en ik kregen een schild en zwaard. Iemand riep: ‘daar komen ze, aanvallen!’ wij vochten mee. Het was een pittige strijd, maar we wonnen toch. Ik was nieuwsgierig wat er binnen was. Stiekem ging ik naar binnen. Er was een grote kelder. Er stonden allemaal schilden en zwaarden, maar natuurlijk ook eten. Wat staat er ook alweer in de slaapkamers? Maar we moesten de ruimte in. Toen we in de timemachine waren riep ik op naar ruimtestation 855. Toen we er waren zag ik Andre Kuipers. Wij zweefden naar Andre’s kamer. Daar gingen we slapen. De volgende ochtend gingen we nog een spelletje doen. En toen gingen we naar huis. Ik vertelde het aan heel mijn klas.
Dit is het verhaal van Jip van Maurik.



























